Gebruik getconnectoren uit AFAS – part 1 ?>

Gebruik getconnectoren uit AFAS – part 1

Iedereen is het er inmiddels wel over eens dat data goud waard is.
Vaak zit deze data echter ‘verstopt’ in de database van software applicaties. Gelukkig bieden steeds meer pakketten mogelijkheden om gegevens uit te lezen zodat ze ook kunnen worden gebruikt om verder te analyseren. Zeker ‘cloud-applicaties’ hebben uitgebreide opties waarbij gegevens via webservices kunnen worden opgevraagd of ingestuurd.

Maar hoe roep je zo’n webservice nu precies aan zodat je de gegevens ook daadwerkelijk kunt gebruiken?

In deze blog is in een stappenplan beschreven hoe een getconnector van AFAS aangeroepen kan worden . We maken hierbij gebruik van SQL Service Integration Services, een gratis tool van Microsoft.

Wat heb je nodig
Om dit stappenplan te kunnen volgen heb je het volgende nodig:

Stappenplan
Stap 1: Gegevens AFAS getconnector verzamelen
Stap 2: Connectie AFAS getconnector
Stap 3: Bewerken output getconnector
Stap 4: Wegschrijven data in database

In dit deel worden stappen 1 en 2 uitgewerkt. In deel 2 van deze blog (Gebruik Getconnectoren uit AFAS – part 2) worden de laatste twee stappen beschreven.

Stap 1: Gegevens AFAS getconnector verzamelen

Om verbinding te kunnen maken met een AFAS getconnector, heb je de volgende gegevens nodig:

  • Server URL waar de connectoren te bereiken zijn.
    Voor AFAS Online is dit standaard: https://profitweb.afasonline.nl/profitservices/getconnector.asmx?wsdl
    Bij een lokale installatie zal de URL als volgt zijn opgebouwd:
    http://<<servername>>/ProfitServices/GetConnector.asmx?wsdl
  • Gebruikersnaam en wachtwoord van een gebruiker die rechten heeft tot de connectoren
  • AFAS Omgevingsnummer
  • Connector naam
    Een connector in AFAS wordt geïdentificeerd aan de hand van een unieke naam.
    Deze naam wordt gebruikt bij het aanroepen van de connector.
    In de volgende afbeelding is een voorbeeld opgenomen van de definitie van ene getconnector waarin de naam en de opgenomen velden zijn gedefinieerd.

 

Stap 2: Connectie AFAS getconnector

Het aanroepen van de AFAS getconnector gebeurd vanuit SQL Server Data Tools for Visual Studio 2013 (SSDT).

Maak in SSDT eerst een nieuw Integration Services Project aan. Kies hier voor File -> New Project.

Kies onder Template -> Business Intelligence -> Integration Services voor een Integration Services Project:

SSDT opent automatisch een lege package.

Zorg ervoor dat je in de Control Flow zit en dat de SSIS Toolbox zichtbaar.

Als de SSIS Toolbox niet zichtbaar is kun je deze vinden via het menu View -> Other Windows -> SSIS Toolbox.

Sleep vanuit de SSIS Toolbox een Web Service Task naar de Control Flow.
Open de Web Service Task Editor door dubbel te klikken op de zojuist aangemaakt taak.

In dit overzicht moeten een aantal zaken worden ingevuld om de verbinding met de getconnector te leggen

HttpConnection

De HttpConnection is de link naar de Server URL waar de getconnector te bereiken is. Door te klikken op het veld naast HttpConnection kan een nieuwe connectie worden aangemaakt.

Vul de server URL en de Credentials in van de connector-gebruiker. Stel de time-out van de getconnector in op 300 seconden:

Test de connectie om zeker te weten dat de verbinding goed kan worden gelegd.

WSDLFile

De WSDL file is een bestand waarin de definitie van de getconnector te vinden is.
Open hiervoor een internet browser en surf naar de Server URL zoals hierboven ook is ingevuld. Je moet waarschijnlijk https://profitweb.afasonline.nl/profitservices/getconnector.asmx?wsdl

Bij AFAS Online moet je nogmaals de credentials ingeven van de connector gebruiker. Bij een lokale installatie is dit afhankelijk van de instellingen.

Kopieer de hele XML definitie die je te zien krijgt (vanaf <wsdl: definitions ) en plak dit in een leeg tekstbestand in Notepad. Sla het bestand vervolgens op en geef het bestand de extensie .wsdl mee. Let op dat de Optie Save As Type ingesteld staat op All Files:

In de Web Service Task Editor kun je vervolgens de WSDLFile selecteren die je zojuist hebt aangemaakt:

Input

Kies bij de tab Input bij de Service voor GetConnector en bij Method voor GetDataWithOptions:

Vul vervolgens de velden in onder de het kopje Method:

  • De environmentID is het omgevingsnummer van AFAS
  • De UserID en password zijn de credentials van de connector gebruiker
  • De connectorID is de naam van de getconnector in AFAS
  • Onder options zijn de volgens mogelijkheden opgenomen:
    • Outputmode: 1 is een xml output. 2 is een txt output
    • Metadata: 0 geeft aan dat de definitie van de velden niet meegestuurd hoeven worden. Als hier een 1 wordt ingevuld worden deze wel meegestuurd.

Output

Onder de tab Output geef je aan waar de output uit de connector moet worden opgeslagen.

Kies hier voor File Connection en maak een nieuw connectie aan door op het veld naast het label File te klikken. Selecteer bij Usage Type voor Create File en selecteer een locatie waar het bestand opgeslagen moet worden:

 

Let op dat je hierbij ook de .xml extensie aangeeft.

Sluit de Web Service Editor Task af door twee keer op OK te klikken.

Vervolg

In de volgende blog Gebruik Getconnectoren uit AFAS – part 2 worden de laatste twee stappen beschreven.



Gideon Folkers (24)

Accountant, IT-Auditor, maar het liefst bezig met IT. Veel interesse in alles wat met data, analyse, visualisatie en 'predictive' te maken heeft.

Klik hier om naar onze site te gaan

4 gedachten over “Gebruik getconnectoren uit AFAS – part 1

  1. “Per 1 januari 2017 werkt NTLM-authenticatie niet meer op AFAS Online* en roep je een connector alleen nog aan via tokens, met de App Connector”, heb jij een voorbeeld hoe je vanuit SSIS via een token een aanroep doet?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *